Hoe kan men een aangepaste therapeutische strategie ontwikkelen? fr

In het geval van de mineure depressie (< 5 criteria van de  DSM IV), is een psychosociale begeleiding, of een psychotherapie efficiënt en een medicamenteuze behandeling is niet aangewezen.

Een majeure depressie verdient een bio-psycho-sociale aanpak.

1. Biologische aanpak 

Leg uit dat er bij een depressie een biologische achtergrond is die  een gevoeligheid om depressieve klachten te ontwikkelen kan veroorzaken. Deze biologische gevoeligheid kan zeer goed behandeld worden met antidepressiva. Alle antidepressiva vertonen een vergelijkbare efficiëntie. Daarom zal de keuze van het antidepressivum bepaald worden door:

De SSRI’s en de SNRI’s (in mindere mate ) zijn de eerste keuze gezien de beschikbaarheid van generische producten (voor de SSRI’s) en dus lage kostprijs en hun veiligheid in gebruik 

Er zijn producten met specifieke effecten binnen deze categorie, die vooral in de klinische praktijk duidelijk werden :

1. Veiligheid op vlak van interacties met andere geneesmiddelen (nuttig bij ouderen)

2. Anxiolytisch effect

3. Stimulerend effect

4. OPGEPAST

Venlafaxine :  De gelijktijdige werking op de heropname van noradrenaline en serotonine van venlafaxine vereist voorzichtigheid bij antecedenten van hypertensie en cardiovasculaire aandoeningen.

Tricyclische antidepressiva :  moeten met de nodige voorzichtigheid voorgeschreven worden gezien hun toxiciteit bij overdosering, hun talrijke neveneffecten en moeilijkheden om efficiënt te doseren. Deze blijven bij voorkeur voorbehouden voor de psychiater.

5. Dosis

SSRI : Het verhogen van de dosis blijkt geen voordelen te bieden bij de meerderheid van de ernstig depressieve patiënten, hoewel een hoge dosissen wel frequent gebruikt wordt voor de behandeling van angststoornissen. 

            Belangrijke aanbevelingen

Aan de patiënt moet uitgelegd worden dat een behandeling met antidepressiva slechts efficiënt is indien men deze gedurende 9 maanden blijft nemen na een eerste depressieve episode om herval te voorkomen.

Het effect van een behandeling met antidepressiva is pas na 2 tot 3 weken merkbaar en het is dus niet aangewezen om de behandeling tijdens deze periode te stoppen.

De behandeling kan tijdelijke neveneffecten veroorzaken (misselijkheid, bevingen,….) in het begin en het is niet aangewezen om de dosis hiervoor te verminderen. Ondersteunende maatregelen en medicatie kunnen wellicht helpen en zullen de therapietrouw verbeteren.

 

            Het gebruik van psychotrope substanties

Het gebruik van SSRI’s of SNRI’s in geval van middelenmisbruik is niet aangeraden. De depressie kan immers door het middelenmisbruik geïnduceerd worden. 

            Depressie en alcohol

Bij de meeste patiënten met alcoholmisbruik zijn de depressieve symptomen gerelateerd aan hun alcoholgebruik. De behandeling van het alcoholprobleem verdient prioriteit vooraleer antidepressieve medicatie te overwegen. Bovendien verstoort alcohol de werking van de antidepressiva. Andere psychiatrische aandoeningen als bipolaire stemmingsstoornis of psychose  dienen eveneens uitgesloten te worden vooraleer de patiënt te behandelen. Bij twijfel kan men steeds beroep doen op een psychiater nadat men de motivatie van de patiënt hiervoor heeft geëvalueerd.

 

   2. De psychosociale aanpak  

De biologische behandeling van de depressie is slechts een onderdeel van de behandeling. Ook de oorsprong van de depressie verdient de nodige aandacht.

De psychosociale begeleiding zal afhankelijk zijn van de mogelijkheid om de patiënt op de vangen tijdens raadplegingen, of de arts de situatie al dan niet aankan.

De druk op de patiënt dient verminderd te worden door zijn sociale omgeving te beïnvloeden ( familie , werk …) indien nodig met het netwerk ronde de patiënt.

Het kan soms nuttig zijn om een sociaal assistent of  thuishulp in te schakelen.

Het is van groot belang om de patiënt een omgeving te bieden waar hij vrij kan spreken, en dus langere consultaties te voorzien.

Ook het invullen van een psychosociaal schema met de patiënt waarbij alle belangrijke psychosociale gegevens ingevuld worden kan nuttig zijn om :